6 * vanity-sizing-en-de-bestuursrechter Vanity sizing en de bestuursrechter

Vanity sizing en de bestuursrechter

Een Haagse marktkoopman had een tijdelijke marktvergunning gekregen om ‘Damesbovenkleding uitsluitend grote maten vanaf XXL en groter’ en ‘Oosterse gewaden en hoofddoekjes’ te verkopen. Omdat het maximaal aantal te vergunnen standplaatsen voor ‘gewone‘ dameskleding was bereikt, was deze beperking aangebracht. De controlerende marktmeesters hadden echter meermalen geconstateerd dat deze marktkoopman damesbovenkleding te koop had aangeboden in kleinere maten dan XXL. Dat leidde tot een negatief advies van de branchecommissie die moest adviseren bij de verlening van marktvergunningen. 

 

Reden voor de gemeente om de tijdelijke vergunning niet verder te verlengen. Zowel voor de damesbovenkleding als de Oosterse gewaden. Beroep bij de rechtbank haalde niets uit voor de marktkoopman. Aldus ging de marktkoopman in hoger beroep bij de Afdeling die op 26 april jl. uitspraak deed. In hoger beroep werd betoogd dat er sprake was van twee deelvergunningen en dat het advies van de branchecommissie over de damesbovenkleding niet ten grondslag gelegd had mogen worden aan Oosterse gewaden. Tevergeefs: ‘aangezien het hoger beroep is gericht tegen de uitspraak van de rechtbank, er geen reden is waarom dit betoog niet reeds bij de rechtbank kon worden aangevoerd en appellante dit uit een oogpunt van een zorgvuldig en doelmatig gebruik van rechtsmiddelen had behoren te doen, dient dit betoog buiten beschouwing te blijven.   

 

Vervolgens kwamen de constateringen van de marktmeesters aan de orde waarbij vastgesteld was dat te kleine, lees: geen XXL, damesbovenkleding werd verkocht. Daartegenover stelde de marktkoopman dat wel sprake was van XXL kleding maar dat die kleding voorzien was van een label dat een kleinere maat vermeldt dan de werkelijke maat. Zulks ‘om het zelfvertrouwen van de koper te stimuleren’ conform de ‘vanity-sizing-methode’. Vanwege deze onduidelijkheid over de daadwerkelijke maten van de damesbovenkleding hield het besluit van de gemeente, waarbij het bezwaar was afgewezen, geen stand.